Natuurdagboek februari: Bloeiende hazelaars

Neem een kijkje in mijn natuurdagboek. Deze maand: het verschil tussen mannelijke en vrouwelijke bloemen van de hazelaar. En hoe je er een pagina van kunt maken in je journal.

Rijen bloeiende hazelaars

Op weg naar de Delftse Natuurschuur voor de maandelijkse ochtend IVN-natuurtekenen, merk ik dat ik aan de late kant ben. Gehaast stop ik mijn spullen in mijn fietstas; ik zal flink moeten doorfietsen om nog op tijd te komen. Zodra ik het natuurgebied inrijd, vertraag ik echter onwillekeurig. Mijn aandacht wordt getrokken door rijen bloeiende hazelaars, zwaar beladen met geelgroene trosjes. Ik kan het niet laten en stop om ze van dichtbij te bekijken. De eerste lentetekenen!

Poederwolk

De trosjes zijn geurloos, merk ik en voelen zacht en flexibel aan tussen mijn vingers. Aan ieder trosje tel ik meerdere geelgroene slierten, meestal zo’n 3 tot 5. Op de slierten – ookwel katjes geheten – zitten allemaal kleine ‘schubjes’, waaronder ik geel ‘poeder’ zie zitten (het stuifmeel). Als ik tegen een trosje tik, komt er een hele wolk van vrij. Ik raap een takje op dat op de grond ligt en fiets snel verder naar de tekenclub. Een mooi onderwerp voor mijn natuurdagboek heb ik in ieder geval bij me.

Mannelijke en vrouwelijke bloemen

Als ik de Natuurschuur binnenstap, zie ik dat iedereen al is begonnen met tekenen. Ik pak een kop koffie, groet een paar bekenden en zoek een plekje. Vlot spreid ik mijn tekenspullen voor me uit op tafel en zet het hazelaartakje in een vaasje voor me neer. Nu ik goed kijk, zie ik ook minuscule roze bloempjes boven de slierten. Iemand uit de groep weet me te vertellen dat het de vrouwelijke bloeiwijzen van de hazelaar zijn. Ik verbaas me erover hoe klein ze zijn in verhouding tot de katjes (de mannelijke bloeiwijze).

Zelfbevruchtend

Als het gaat over natuurkennis, ben ik hier in goed gezelschap. Veel van de deelnemers zijn actief als vrijwilliger bij een van de Delftse natuurbeschermingsorganisaties (waaronder ikzelf). Zo hoor ik dat de struik zichzelf kan bevruchten: aan de plant groeien immers zowel mannelijke als vrouwelijke bloeiwijzen. In praktijk hebben ze echter vaak stuifmeel van een andere hazelaar nodig om noten te kunnen vormen. Als ik voortaan vroeg in het jaar voorbij bloeiende hazelaars rijd, zal ik extra letten op die roze bloempjes. Zonder deze minibloempjes geen hazelnoten!

De pagina in mijn natuurdagboek

Eerst teken ik het takje en de katjes met aquarelpotlood. Met een vochtige penseel ga ik over de kleuren om ze intenser te maken. Dan maak ik drie cirkels waarin ik – ingezoomd – de details teken: de katjes, de ontluikende knop en de minibloem. Het roze plukje op de bloem – een soort pruikje – zet ik stevig aan met roze. Ik maak het geheel af met fineliner. Vervolgens schrijf ik er mijn observaties bij en klaar is mijn pagina!

Ook leren natuurtekenen in Delft?

Heb je ook interesse in natuurtekenen en woon je in Delft, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Zoetermeer of omgeving? In Delft zijn verschillende organisaties waar je terecht kunt:

Hi! Mijn naam is Olga Karina. Als gecertificeerd Wild Wonder Nature Journaling docent is het mijn missie je te helpen de natuur (opnieuw) te ontdekken met een schetsboek. Buiten tekenen brengt mij ontspanning en een diepe verbondenheid met de natuur. Via dit blog inspireer ik je graag met praktische tips en voorbeelden om jouw eigen natuurdagboek te starten.

Plaats een reactie